Het harde labeur van huisvrouwen, deel 2
Lang leve de wasmachine!
Belofte maakt schuld. Hier het tweede deel van (over)grootmoeders wascursus.

We zijn bij het “blièèk’n” aanbeland. Dat wil zeggen: de was te bleken leggen op gras, ergens in een weide of een grasplein en de zon haar werk laten doen.
De echte flandriens, dat waren onze (over)grootmoeders, die de Briek Schottes van toen van proper ondergoed voorzagen.


Eindelijk komen we aan het definitief koken in de “”witte loige” (met “sunlichtzièèpe“) en het “spoel’n“, ttz. onderdompeling en “swobbel’n” in steeds vers water (tot 2 à 3 maal, tot het linnen zeepvrij is). Dat werd meestal gedaan in de gemeentelijke beek.

Deze reclame zorgde ervoor dat de uitdrukking “een kind kan de was doen” furore maakte…
Met de houten stok roeren in de kookwas onder het toeziend oog van de zoontjes, die net van school kwamen en met de boekentas nog in de hand ingeschakeld werden.

En nog zijn we er niet, maar dat lees je dan volgende keer in de derde (en gelukkig) laatste aflevering van onze eigen “soap”!
Voor een goed begrip, de bijgaande foto’s zijn illustratiebeelden en niet die van Ledegem. Maar dit zou misschien eens een ideetje kunnen zijn voor de heemkundige kring… Authentieke foto’s opduikelen van het Ledegems “zaterdagwerk”. Warme oproep tegelijkertijd aan de lezers: misschien zijn er Leeghemnaers die dergelijke foto’s van hun grootmoeders in de kast hebben liggen in vergeten schoenendozen… Dus…

